De grote Alexander
Alexander de Grote is voor mij de meest fascinerende figuur uit de Oudheid. In twaalf jaar veroverde hij het hele gebied tussen Macedonië en de rivier de Indus - plus Egypte. Met zijn leger legde hij 23.480 kilometer af. De Hermitage in Amsterdam toont zijn verhaal nu in een grote tentoonstelling.
Sinds Alexander in 323 voor Christus op 32-jarige leeftijd stierf, is hij in de mythen alleen nog maar groter geworden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat andere vorsten zich altijd graag aan hem gespiegeld hebben. Tsarina Catharina de Grote (1729-1796) begon daarom met het verzamelen van kunst- en archeologische voorwerpen die met hem te maken hadden. Zo kwam de Hermitage aan de objecten waarmee ze nu over Alexander vertelt.
Het hart van de tentoonstelling is voor mij het stuk waarin die onvoorstelbare veroveringstocht centraal staat. Kort samengevat: vanuit Macedonië trok Alexander door Griekenland, Klein-Azië en Syrië naar Egypte. Vervolgens ging hij terug noordwaarts om Perzië en delen van India te veroveren, waarbij hij kriskras zo ongeveer het gebied van het huidige Irak, Iran, Afghanistan en Pakistan doorkruiste en aan zich onderwierp. De Hermitage brengt die afstand mooi in beeld in een animatie waarin een witte lijn zich razendsnel over de kaart van Azië slingert.
Maar hoe zag die militaire operatie er in werkelijkheid uit? Dat beeld biedt de tentoonstelling niet, maar de oudhistoricus Jona Lendering in zijn boek “Alexander de Grote” wel. Alexanders legers waren gigantisch: van 48.000 man infanterie, cavalarie en ondersteunend personeel groeide het uit tot 150.000 in de tijd dat ze langs de Indus trokken. Hij dankte dus veel aan zijn ingenieurs en genietroepen. Zij sloegen ontelbare waterputten, bouwden gigantische voedseldepots en legden hele vlootbases aan. Ze ontmantelden zelfs een complete vloot en transporteerden die 200 km over moeilijk begaanbaar terrein van de ene rivier naar de andere.
150.000 man voeden en laven terwijl je door dorre, hete woestijnen trekt: ga er maar aan staan. Dat ging uiteindelijk dus ook niet goed. De soldaten slachtten uit wanhoop zelfs stiekem hun paarden en ezels om op te eten. De meesten redden het tot ze weer in ‘voedzamer’ gebied kwamen. Maar veel van hun vrouwen en kinderen, die in hun gevolg meetrokken, stierven van honger en dorst. Het was een van de grote problemen die ertoe leidden dat Alexander besloot terug te keren naar Babylon. Daar ging hij zelf enkele maanden later dood aan een mysterieuze ziekte.
Sindsdien is Alexander vereerd, maar ook verguisd. Zijn officieren zagen hem als een superheld, zijn manschappen hebben hem omschreven als een liederlijke alcoholist. De audiotour bij de tentoonstelling legt uit hoe Alexander geïnspireerd was door de wijngod Dionysus. Die zag hij als een brenger van cultuur omdat hij de wijnbouw van India naar het westen had verbreid. Alexander legde de omgekeerde route af en verspreidde onderweg de Griekse beschaving . Met zo’n succes dat die culturele invloed zelfs een naam kreeg: het hellenisme.
De tentoonstelling in de Hermitage is te zien tot 18 maart 2011. Neem beslist de audiotour: die geeft de verzameling voorwerpen de broodnodige context. En als je er toch bent: ga even in het trappenhuis luisteren of de zingende suppoost dienst heeft!
Reacties
Leuk!
Leuk, Irene!
Hartelijke groet, Dorella
Alexander de Grote
Lijkt mij heel boeiend.Ik ga er weer speciaal voor naar A'dam.
Bedankt. J. Vissers
Dank, ik ga zeker kijken.
Dank, ik ga zeker kijken. Heel inspirerend!
Nieuwe reactie inzenden